De kraamweek

En dan is het tijd voor beschuit met muisjes….!
In de kraamweek zal de kraamverzorgster je veel informatie geven over de verzorging van je kind en over je herstel. De verloskundige legt om de dag een huisbezoek af tot en met dag 8 of 10 om te kijken hoe het met moeder en kind gaat. Bij vragen of onzekerheden kun je contact met ons op nemen.
Hierbij nog een aantal praktische zaken op een rijtje.

Aangifte
De baby moet binnen 3 dagen na de geboorte aangegeven worden bij de gemeente waar het kind geboren is. Tegenwoordig kan dit uitsluitend op afspraak en wij adviseren je hiervoor om de afdeling burgerzaken te bellen.

Bloedverlies
Na de bevalling verlies je de eerste weken bloed als een zeer ruime menstruatie. Je kunt hierbij de eerste dagen stolsels verliezen ter grootte van een vuist, dit is normaal. Op de plaats waar de placenta gezeten heeft in je baarmoeder zit nu een wond. Doordat de baarmoeder samentrekt en weer klein wordt (naweeën) kun je steeds golfjes bloed verliezen. Daarnaast zorgt het samentrekken en kleiner worden van de baarmoeder ervoor dat de wond dichtgeduwd wordt, naweeën zijn dus erg effectief. Het bloedverlies zal maximaal tot 6 weken na de bevalling aanhouden. Zo lang je bloedverlies hebt raden wij af om tampons te gebruiken, geslachtsgemeenschap te hebben, in bad te gaan of te gaan zwemmen. Dit in verband met infectiegevaar van de baarmoederholte. Mocht je het idee hebben te veel bloedverlies te hebben, bijvoorbeeld wanneer een groot kraamverband binnen een half uur doordrenkt is, het lijkt of er een kraan open staat of wanneer je meerdere grote stolsels achter elkaar verliest, neem dan contact met ons op.
Aan het einde van het kraambed, wanneer je zelf weer meer gaat bewegen, zien we vaak een geringe toename in het bloedverlies wat onschuldig is.

Naweeën
De eerste 1-2 dagen na de bevalling kun je last hebben van naweeën. Naweeën hebben als functie dat de baarmoeder goed samentrekt waardoor het wondgebied waar de placenta gezeten heeft kleiner wordt en hierdoor het bloedverlies vermindert. Dit kan wel voor de nodige ongemak zorgen.
Je mag hiervoor paracetamol nemen 500mg eventueel 2 tabletten tegelijk, maximaal 8 per dag.

Hechtingen
Wanneer je hechtingen hebt raden we aan om tijdens de eerste kraamweek tijdens toiletgang deze goed schoon te spoelen. Dit kan met behulp van een kannetje water of met de douchekop. Dit ter bevordering van de hygiëne en genezing. De eerste dagen kan het prettig zijn de wond te koelen met ijskompressen en/of paracetamol te gebruiken. Tevens kan het helpen om tijdens het rustuur met blote billen in bed te liggen zodat er zuurstof bij kan. We raden het af om iets op de wond te smeren.

Stuwing
Op dag 3-4 na de bevalling krijgen bijna alle vrouwen stuwing, of je nu wel of geen borstvoeding geeft. Stuwing ontstaat door extra bloedvoorziening en melkproductie in de borsten. Je borsten kunnen hierdoor gespannen, strak en pijnlijk aanvoelen. Zorg dat je een strakke BH in huis hebt die tegendruk kan geven maar tegelijkertijd de borsten niet afknelt. Let op met een warme douche, zet geen douchekop met zeer warm water op je borsten aangezien dit de stuwing kan verergeren. Koelen (bij borstvoeding alleen ná het voeden) kan enige verlichting geven, net zoals witte gekneusde koolbladeren in je BH (een trucje van grootmoeder die echt helpt). Witte gekneusde koolbladeren in je BH helpen om de warmte uit de borst te onttrekken. Ook kan paracetamol enige verlichting geven.

Rust
Het is erg belangrijk voldoende rust te nemen tijdens de kraamperiode. De eerste 5-6 dagen doe je er verstandig aan om boven in bed door te brengen. Gaandeweg de kraamweek kun je wat vaker en meer uit bed komen en je lichamelijke activiteiten rustig opbouwen. Hoe meer rust je neemt na de bevalling, hoe fitter je over het algemeen bent na de kraamweek wanneer de kraamverzorgster weer weg is. Wij houden rusttijden aan van 13:00-15:00 uur en proberen gedurende dit tijdstip dan ook geen visites te rijden. Het kan helpen om deze rusttijden op het geboortekaartje te noteren, zodat visite ook weet dat moeder en baby rusten tussen 13:00 en 15:00 uur.

Huilen
Huilen is voor een baby de enige manier om zich te uiten. Vaak vinden we het vervelend wanneer een baby huilt en willen we zo snel mogelijk iets doen om de baby te laten stoppen met huilen.
Uit onderzoek blijkt dat het de eerste periode beter is om de baby direct te troosten en niet een lange tijd alleen in het bedje te laten huilen. De stresshormonen kunnen dan dusdanig stijgen dat het schadelijk kan zijn voor de hersenen. Daarnaast is het bewezen dat je de eerste 3 maanden een baby nog niet kunt verwennen.
Redenen van huilen kunnen zijn:
– Honger
– Vieze luier
– Te hoge of lage temperatuur
– Pijn zoals darmkrampjes, gaat vaak gepaard met een trappende/schoppende beweging van de beentjes
– Verwerking van prikkels
– Angst/onveilige hechting
Probeer eerst bovenstaand lijstje te doorlopen om te kijken of je jullie kindje kan troosten met bijvoorbeeld voeding of een schone luier. Meet de temperatuur om te kijken of de baby het niet te warm of te koud heeft. Een badje, massage van de buik of rug kan bij buikkrampjes soms wat verlichting geven. Probeer te veel prikkels overdag voor een baby te vermijden. Denk hierbij aan drukke ruimtes/veel visite, veel “van hand op hand” bij de visite e.d.
Huilen kan ook een teken zijn van angst of onveilige hechting. Je baby heeft 9 maanden bij je in de buik gezeten, lekker warm en geborgen. Sommige baby’s moeten wennen en leren dat ze buiten de buik ook veilig zijn en dat er voor ze wordt gezorgd. Vaak zien we in de nacht, wanneer het donker en stil is, dat baby’s onrustig worden. Wat kan helpen is een klein nachtlampje of rustgevende muziek/geluid. Inbakeren of strak inpakken zorgt ook voor een gevoel van geborgenheid en veiligheid.

Hielprik en gehoorscreening
Tussen dag 5 en 7 na de geboorte komt de screenster van de STMR langs om deze testen uit te voeren bij jullie kindje. Zij krijgen melding vanuit de gemeente (naar aanleiding van de geboorteaangifte) en vanuit de kraamverzorgster. Tijdens de zwangerschap is de folder uitgereikt “Screeningen bij pasgeborenen, Hielprik en Gehoorscreening”. Hierin staat verdere uitleg over wat deze onderzoeken precies inhouden. Zie ook: http://www.rivm.nl/Documenten_en_publicaties/Algemeen_Actueel/Brochures/Preventie_Zorg_Ziekte/Hielprik/Screeningen_bij_pasgeborenen_incl_vertalingen/Download/Screeningen_bij_pasgeborenen.pdf

Consultatiebureau
Tussen dag 8 en 10 na de geboorte sluiten wij en de kraamverzorgster het kraambed en onze zorg af. Het consultatiebureau gaat de zorg voor jullie kind dan overnemen. We sturen een overdracht naar het consultatiebureau, zodat zij op de hoogte zijn van de eventuele bijzonderheden. Tussen dag 10-14 na de geboorte zullen zij telefonisch contact opnemen en een afspraak maken voor een huisbezoek. De jeugdverpleegkundige zal eerst bij jullie thuis kennis komen maken, waarna ze vervolgafspraken met jullie in gaan plannen. Vanaf dan kun je met alle vragen omtrent groei, ontwikkeling, voeding, inentingen e.d. bij hen terecht.

Vitamine K en D
Vitamine D is nodig voor de aanmaak en ontwikkeling van botten en tanden. De gezondheidsraad adviseert om bij alle baby’s vanaf dag 8 te starten met 10 microgram vitamine D tot en met het 4e levensjaar. Dit is zonder recept in druppelvorm verkrijgbaar bij de apotheek of drogisterij.
Bij moeders die borstvoeding geven wordt ook 10 microgram vitamine D geadviseerd.
Vitamine K is nodig voor een goede bloedstolling. Dit maakt een baby nog onvoldoende aan en ook in de boratvoeding zit weinig vitamine K. Om deze reden wordt er vanaf dag 8 tot en met de derde levensmaand 150 milligram vitamine K geadviseerd wanneer de baby borstvoeding krijgt. Ook dit is vrij verkrijgbaar bij de apotheek of drogisterij. Baby’s die kunstvoeding krijgen hebben geen extra vitamine K nodig aangezien dit in de voeding is verwerkt. Wanneer je een combinatie geeft van borst- en kunstvoeding wordt vitamine K geadviseerd totdat de baby >500ml kunstvoeding per 24 uur krijgt.

Navelstompje
Na het afnavelen van de baby na de geboorte blijft er een klein stukje van de navelstreng over welke in moet gaan drogen. Nadat dit stukje navelstreng goed is ingedroogd zal dit er vanzelf afvallen na ongeveer 5-10 dagen. Bij het loslaten kan het naveltje een klein beetje bloeden en de romper hierdoor vies worden. Zo lang het bloed er niet druppelsgewijs uit loopt is dit normaal. Wanneer de huid om de navel rood en dik is of wanneer je pus ziet neem dan contact met ons of je huisarts op.

Koorts
Koorts of een ondertemperatuur bij de baby gedurende de eerste 3 maanden is opmerkelijk. We spreken hiervan bij een temperatuur onder de 36,5 of boven de 37,5 graden. Kijk eerst even of de baby niet te warm of te koud ligt en pas zijn omgeving aan. Wanneer dit geen effect heeft op de temperatuur en deze te laag of hoog blijft neem dan in de eerste week direct contact met ons op. Wanneer wij de zorg hebben afgesloten raden wij aan direct contact op te nemen met de huisarts of huisartsenpost.
Ook bij de kraamvrouw is het van belang om bij koorts niet te lang af te wachten. Bij een temperatuur boven de 38 graden adviseren we om tijdens de kraamweek contact met ons op te nemen en nadien met de huisarts.

Koortslip
Een koortslip wordt veroorzaakt door een herpesvirus en kan zich uiten in een blaasje op de lip of neus. Voor volwassenen kan dit geen kwaad, maar baby’s (gedurende het eerste levensjaar) kunnen ernstig ziek worden wanneer zij in aanraking komen met een actieve koortslip. Zij kunnen van dit virus namelijk hersenvliesontsteking krijgen. Mocht je als ouders zelf een koortslip hebben dan is het van belang deze af te plakken met patches, eventueel een mondkapje te dragen en uiterst voorzichtig om te gaan met de hygiëne. Kus de baby niet zolang de blaas aanwezig is en was altijd eerst je handen voordat je de baby oppakt. Wanneer het blaasje is ingedroogd, is er geen besmettingsgevaar meer.

Naar buiten gaan
Wanneer je baby terug is op geboortegewicht en hij of zij zich goed op temperatuur kan houden mag je met je baby naar buiten. Wanneer het buiten koud is kun je de kinderwagen eventueel vooraf opwarmen met een kruiken. Wandelen met kruiken in de wandelwagen wordt afgeraden in verband met de kans op lekken en te warme temperaturen in de wagenbak. Let op dat je zelf niet meteen een te grote ronde gaat lopen. Begin met een rondje in de straat, je zult namelijk merken dat je conditie een stuk verminderd is en je alles weer rustig aan op moet bouwen.

Regeldagen
Bij borstvoeding heeft een baby vaak na 10-14 dagen, 12 weken en 6 maanden een regeldag. De baby lijkt dan de hele dag niets anders te willen dan drinken. Bij een regeldag stemt de hoeveelheid melkproductie zich af op de behoefte van het kind. Het is dan ook het beste hier gewoon aan toe te geven. Meestal vermindert na 1-2 dagen de frequentie in het voeden weer.

Verzekering
Na aangifte bij de gemeente krijgt je kindje een BSN nummer. Wanneer dit nummer bekend is kan je kind bij één van de ouders op de polis bijgeschreven worden. Dit dien je binnen 3 maanden na geboorte geregeld te hebben.

Nacontrole
Ongeveer 6 weken na de bevalling plannen we met je een nacontrole in. Wanneer je bevallen bent onder leiding van het ziekenhuis kan het zijn dat je een nacontrole hebt bij de gynaecoloog. De nacontrole is een evaluatiemoment. We kijken hoe het met jou en de baby gaat, hoe je het ouderschap ervaart, of je bloedverlies is gestopt. Eventueel kunnen we kijken of wond goed genezen is en of er sprake is van een verzakking. We meten je bloeddruk, gewicht en ijzergehalte en kunnen controleren of je buikspieren weer tegen elkaar geschoven zijn. Wanneer dit niet zo is raden we aan nog even te wachten met actief sporten en of buikspieroefeningen. Ook kunnen we je adviseren over anticonceptie en geven we je tips en adviezen ten aanzien van een eventuele volgende zwangerschap en bevalling.